Naast een hogere medewerkertevredenheid en lagere kosten (ICT, huisvesting) belooft HNW ook een flexibelere, effectievere en efficiëntere werkstijl. Kort gezegd: de verhouding tussen zinvolle activiteiten enerzijds en dubbele en overbodige activiteiten anderzijds neemt toe.
Het zou mooi zijn als er een universeel toepasbare maatstaf zou zijn om dit te meten. Ik schreef al een eerder artikel over dit onderwerp op deze site.
Je zou bijvoorbeeld kunnen beginnen door HNW-productiviteitswinst bij kenniswerkers te meten door het aandeel waardetoevoegende, directe uren ten opzichte van het totaal aantal gewerkte uren door de tijd te volgen. Dit is een simpel, breed toepasbaar kengetal dat voor iedereen te begrijpen is. Maar ook met dit kengetal zijn er minimaal zes problemen.
Op dit moment zit ik midden in de implementatie van Het Nieuwe Werken (HNW) bij een grote financiële dienstverlener. Hoewel ik als extern deskundige vooral ben ingehuurd om de mentale kant van de transitie te begeleiden, kruisen regelmatig ook andere vraagstukken mijn pad. Neem nu het meten van de opbrengsten van HNW. Door HNW-adepten wordt productiviteitswinst gepropagandeerd als één van de grote plussen van het nieuwe werkconcept. De beloften vliegen je om de oren. Mooi allemaal. Maar hoe meet je de productiviteitswinst van HNW-afdelingen eigenlijk?
Een zakelijk, mobiele internetverbinding is handig om van afstand het bedrijfssysteem te raadplegen of om gewoon op internet iets op te zoeken. Niet iedere flexwerker (of nieuwe werker) is met deze middelen uitgerust. Wat zijn de alternatieven?
‘De grootste verdienste van het management in de 20e eeuw is de vijftigvoudige verbetering van de productiviteit van de fabriekswerker. De grootste uitdaging van voor het management van de 21e eeuw is om de productiviteit van de kenniswerker op een vergelijkbare wijze te verbeteren.’
Met deze bekende quote van Peter Drucker begint het boek van Dik Bijl over Het Nieuwe Werken. Het heeft dan ook als ondertitel meegekregen: Op weg naar een productieve kenniseconomie. Het boek is een goede introductie op de denkwijze achter Het Nieuwe Werken, althans volgens de Microsoft filosofie. Het leverde mij ook een aantal vragen en kanttekeningen op.
Vanochtend rond de klok van 7 uur op mijn autoradio: Het is vandaag nationale secretaressedag. Wat zegt ie nou? Nationale secretaressedag! Voor ongeveer het tiende achtereenvolgende jaar kom ik er te laat achter dat er op de derde donderdag van april iets speciaals van mij verwacht wordt. Oef. Nou ja, het is nog vroeg genoeg om iets te ‘regelen’. Wat doet u aan secretaressedag? Zet u uw steun en toeverlaat in het zonnetje of vindt u secretaressedag maar een achterhaald begrip?
Sinds ik mij in Het Nieuwe Werken heb verdiept, heb ik een aardig beeld gekregen van wat er op dit gebied in Nederland gebeurt. Net als veel andere begrippen, wordt ook de term ‘Het Nieuwe Werken’ door diverse bedrijven, organisaties en personen op verschillende manieren gebruikt:
Web 2.0 staat daarbij voor de grote verandering waarbij Internet zich steeds meer ontwikkelt van een verzameling van losstaande websites tot een totaalplatform met interactieve webtoepassingen. De gebruikers bepalen (mede) de inhoud. Door interactieve applicaties, sociale netwerken en user generated content is Internet een interactief medium geworden met uitwisseling tussen Internetgebruikers onderling. Deze toepassingen zullen langzaam maar zeker de manier waarop we samenwerken veranderen: Het Nieuwe Werken is geboren!
Deze site blogt over innovatief organiseren, slimmer werken en sociale innovatie.


Laatste reacties
Mooi voorbeeld! Wat mij ook aanspreekt is de discussie over 'Sturing'. Heel herkenbaa…
reactie op: Zelforganisatie in bedrijf: een Nederlandse caseInteressante blog over 'commitment'. Een toevoeging aan de betekenisverlening kan kom…
reactie op: Commitment, wat heb je er aan?Dit boek heb ik ook gelezen, tesamen met zijn proefschrift en ben het niet geheel met…
reactie op: Jelle Bouma: Betrokkenheid als sleutel