Rubriek: Gastcolumns

Over ideeën uitwisselen tussen vakmensen onderling: de TOPPERS op tournee

Bij het lezen van ‘Toppers’ denkt u natuurlijk gelijk aan een volle ArenA, maar dit verhaal begint in de Jaarbeurs te Utrecht.

“Nieuwsgierigheid naar kennis over het vakgebied maakt het verschil tussen gewoon presteren en excelleren”, aldus een Portugese arbeidsfilosoof. Waar beter kun je die nieuwsgierigheid bevredigen dan op een vakbeurs? In najaar 2014 vond de beurs ‘Industrial Processing’ plaats, de grootste vakbeurs voor de totale natte en droge procesindustrie in de Benelux. Bij procesindustrie moet je denken aan bedrijven die voedingsmiddelen, schoonmaakmiddelen of medicijnen produceren of zorgen voor onze watervoorziening. De exposanten op de beurs tonen de laatste trends, producten en ontwikkelingen op het gebied van procesapparatuur, -engineering en -automatisering. Allerlei noviteiten wachten daar op nieuwsgierige beursgangers.

Altijd nuttig zo’n beurs, maar zeker zo leerzaam is het als operators van verschillende bedrijven samen in gesprek gaan over zaken die hun bezighouden.

Praktische toepassing van het Cruciale Dialoogmodel

Meermaals werd ik de laatste paar jaar gecontacteerd door een CEO of plant manager met de vraag of ik hem (het waren inderdaad steeds mannen) kon helpen bij het oplossen van een Veiligheidscultuur probleem. In elk van die gevallen was de Top Manager recentelijk in dit, voor hem nieuw, bedrijf als CEO/Plant manager benoemd. Die managers waren voordien werkzaam in een bedrijf of industriële groep met een ‘goede’ veiligheidscultuur. Ze keken met verbazing naar hun nieuwe, beduidend slechtere werkelijkheid en contacteerden mij. Een van de redenen waarom ze mij contacteerden was dat ik elk van hen vroeger geholpen had met het duurzaam oplossen van een veiligheidsprobleem.

Start van de Probleemoplossing: de cruciale meeting met de CEO

Ik gebruik steeds mijn eigen Cruciale Dialoogmodel om complexe problemen op te lossen. Het model is, zoals in eerdere columns beschreven, volledig gebaseerd op het creatief wisselwerkingsproces, een duurzaam natuurlijk proces, dat werd ontdekt door de Amerikaanse filosoof en theoloog Henry Nelson Wieman. Het transformeert de huidige werkelijkheid in de gewenste toekomst.

Boek van de week

Opleidingen

Bekijk alle opleidingen

Vertrouwen werkt! Maar, waarop vertrouw je dan eigenlijk?

De afgelopen maanden hebben wij tweemaal de Masterclass ‘van controle naar vertrouwen’ georganiseerd. In deze masterclasses zijn we uitgebreid ingegaan op de verschillende aspecten van vertrouwen en de voordelen van organiseren op basis van vertrouwen. Een belangrijke conclusie is dat werken met vertrouwen werkt en dat het grote voordelen oplevert voor de organisatie en de medewerkers. Maar, als je als organisatie werkt met vertrouwen, waarop vertrouw je dan als manager eigenlijk?

In onze visie kun je werken met vertrouwen als dat vertrouwen gebaseerd is: op de kracht van zelfsturing en zelforganisatie, op de professionaliteit van medewerkers en op de context binnen de organisatie.

Kracht van zelfsturing en zelforganisatie

Vertrouwen kent een grote mate van wederkerigheid: als ik jou vertrouw, dan is de kans groter dat jij mij vertrouwt. Maar, als je als manager wilt beginnen met vertrouwen dan heb je daar een positief mensbeeld voor nodig want met een positief mensbeeld krijg je betere medewerkers. Dat positieve mensbeeld is gerechtvaardigd is want ieder mens heeft “de aangeboren neiging en het vermogen om nieuwe uitdagingen op te zoeken, om de eigen capaciteiten uit te breiden en te oefenen, om te onderzoeken, te leren en om zichzelf en zijn wereld te verbeteren”. Dit is de definitie van Daniel Pink (2010) voor ‘drive’ ofwel ‘de kracht zelfsturing’. In wetenschappelijk onderzoek is die kracht van zelfsturing ook aangetoond.

Vacatures

Campagne Manager Kruidvat (Renswoude)

Zorg jij voor effectieve en ‘steeds verrassende’ marketingcampagnes voor onze succesvolle winkelformule Kruidvat? Initieer jij marketingcampagnes met een massaal bereik in heel Nederlan... Bekijk alle vacatures

Advertorial

Toekomstgericht Talentmanagement? Dat vraagt om een andere kijk op organiseren!

TalentontwikkelingCompetenties en functiehuizen zijn nog steeds oude en vertrouwde HR-instrumenten. Op zich is dat logisch: het geeft organisaties houvast bij het beschrijven van wat we van medewerkers verwachten. Talentmanagement, of nog beter talentontwikkeling, lijkt op het eerste gezicht prima inpasbaar binnen het bestaande HR instrumentarium. Toch ontdekken organisaties steeds vaker dat het bestaande wringt met de wens om echt in te zetten op talent.

Competenties als normering

Het volgende citaat is een aardig voorbeeld van de achterliggende drijfveer van het werken met competenties, namelijk het normeren van gedrag:

“(…) We willen op een praktische manier aan de slag met competentiemanagement en zijn op zoek naar een overzicht van competenties. Dit vooral om uit te leggen aan medewerkers waarom ze niet aan een norm voldoen en hoe ze dit kunnen verbeteren.”

De vraag is of dit ooit de bedoeling is geweest van competentiemanagement.

Ongelijkheid in de maatschappij en in organisaties, is dat een probleem?

De toenemende ongelijkheid in rijkdom is een maatschappelijk probleem. Maar ook in organisaties bestaat ongelijkheid. In deze column worden  twee boeken besproken die over ongelijkheid gaan, in de maatschappij en binnen organisaties.

De wind is nadrukkelijk aanwezig en doet de gevoelstemperatuur aanzienlijk dalen. Ik vlucht een boekenwinkel binnen waar het aangenaam vertoeven is. Niet alleen door de temperatuur, maar de winkel is ook goed gevuld met potentiële lezers. ‘Today a reader, tomorrow a leader’, las ik ooit ergens. Mijn oog valt op een grote stapel boeken waar veel mensen om heen staan. Ook ik pak één van de boeken; het is het bekende boek ‘Kapitaal in de 21e eeuw’ van de hand van Thomas Piketty.

kapitaal

Mijn hand glijdt over de achterflap. Piketty schrijft dat financiële ongelijkheid in de toekomst problemen kan geven. Het vuistdikke boek ‘Kapitaal in de 21e eeuw’ staat vol historisch onderzoek en statistieken. Op basis van zijn onderzoek komt Piketty tot de conclusie dat de bezitter van veel geld zonder moeite sneller rijk wordt dan de arbeider die zich voor een karig loon in het zweet werkt aan de lopende band. Op veel plekken in de wereld wordt die groeiende financiële ongelijkheid als een probleem beschouwd. Volgens velen heeft Piketty een belangrijk boek afgeleverd dat de toenemende ongelijkheid scherp aan de kaak stelt.

Ruimte voor creativiteit leidt tot betere innovatie

Eerder heb ik geschreven over het belang van voldoende ruimte voor zelfsturing en zelforganisatie bij medewerkers in organisaties. Eén van de doelen hiervan is natuurlijk het stimuleren van echte, vernieuwende creativiteit. Creativiteit die leidt tot baanbrekende innovaties in producten en processen.

Onlangs kwam ik dit filmpje over creativiteit tegen op YouTube:

Het filmpje laat mooi zien dat, onder tijdsdruk, de kinderen bijna allemaal dezelfde tekening maken. Terwijl, gegeven de tijd en ruimte, de kinderen de meest fantasievolle creaties maken.

‘Alles wat werkelijk groots en inspirerend is, is gecreëerd door een individu dat kon werken in vrijheid’ (Albert Einstein)

Het Cruciale Dialoogmodel

Om vragen of problemen op te lossen, maakt men het best gebruik van het Cruciale Dialoogmodel. Het model is vooral nuttig als leidraad bij het voeren van Cruciale Dialogen en voor de communicatie met anderen wanneer een Cruciale Dialoog dreigt mis te gegaan.

Het Cruciale Dialoogmodel is zoals reeds gesteld een toepassing van het creatief wisselwerkingsproces dat prachtig beschreven is in het boek van mijn vrienden Charlie Palmgren en Stacie Hagan ‘The Chicken Conspiracy’. Dit creatief wisselwerkingsproces, een duurzaam natuurlijk proces, werd ontdekt door de Amerikaanse filosoof en theoloog Henry Nelson Wieman en transformeert de huidige werkelijkheid in de gewenste toekomst.  Het is de bron van menselijke creativiteit en wordt door Wieman ook het “Creatieve Goed” genoemd.

Het Cruciale Dialoogmodel beschrijft de vier fasen van het creatief wisselwerkingsproces als volgt (figuur 1):

1. Communicatie: omvat enerzijds het met integriteit delen van Feiten, Waarnemingen en Objectieve Gegevens en anderzijds het nederig luisteren naar wat de ander te zeggen heeft.
2. Appreciatie: het ‘positief’ interpreteren van deze feiten door de boodschap te appreciëren, zowel wat gelijklopend is aan wat wij als ’waar’ ervaren, als wat verschillend is (door de filtering doorheen onze referentiekaders). Daarbij zet men zich volledig in om deze verschillen vruchtbaar aan te wenden teneinde te begrijpen en te leren.

Beelden van een post-bureaucratische organisatie

MIXRegelmatig organiseert de ‘Management Innovation eXchange’ (MIX), een initiatief van Gary Hamel, zogenaamde ‘hackathons’ (online brainstorms) onder deskundigen en praktijk-beoefenaren. Dit keer was de vraagstelling: ‘how to bust bureaucracy?’, ofwel: hoe kunnen we de bureaucratie als organisatievorm – nu nog het meest voorkomend, vooral bij grote organisaties – achter ons te laten? In dit artikel de belangrijkste uitkomsten van deze hackathon: beschrijvingen van hardnekkige knelpunten en verzamelde ideeën voor oplossingsrichtingen.

1. Werk voor klanten en collega’s – niet voor de baas

In de traditionele bureaucratische organisatie leggen medewerkers verantwoording af aan hun baas, en die weer aan hun baas en zo verder omhoog in de hiërarchie. Dit leidt tot veel management overhead, vertraagt de besluitvorming en geeft aanleiding tot politieke spelletjes. Het is tijd om de relatie tussen verantwoording afleggen en de hiërarchie binnen de organisatie te verbreken. De post-bureaucratische organisatie kent een breder perspectief waarbij medewerkers, vanuit hun commitment met de missie van de organisatie, primair verantwoording afleggen aan klanten en collega’s. Of zoals Gary Hamel zegt: ‘associates get real-time feedback on their performance from customers and peers, which enables self-management instead of manager-management’.

Hiep, hiep, hoera voor de bedrijfshofnar!

hofnarTalloze managers en bestuurders zijn de afgelopen decennia ten onder gegaan aan de risico’s die ze namen in de heilige overtuiging dat het simpelweg niet fout kon gaan. Ze verkeerden in de veronderstelling dat de positie die zij hadden hun als vanzelfsprekend toekwam; de beslissingen die ze namen konden dus niet anders dan succesvol zijn. Ze vergaten daarbij dat de macht die zij hadden niet voortkwam uit hun persoonlijke invloed, maar een resultante was van hun functie. Op het moment dat ze die twee verwarden ging het vaak mis.

Zouden die topmensen niet veel makkelijker bekritiseerd moeten en kunnen worden, het liefst voordat ze uit de bocht vliegen? In vroegere tijden hadden machtige heersers daar de hofnar voor, die hun feilloos de spiegel van hun eigen gedrag voorhield zonder te hoeven vrezen voor represailles. Alhoewel hij schijnbaar onderaan de sociale ladder stond kon de nar zich opmerkingen permitteren die door niemand anders gemaakt mochten worden. Als enige aan het hof kon hij de macht van de ‘zonnekoning’ relativeren door in te gaan tegen de heersende opvattingen. De invloed van de hofnar reikte hierdoor vaak verder dan die van alle koninklijke adviseurs tezamen.

De spannende transitie bij gemeenten van ‘zorgen voor’ naar ‘zorgen dat’

Wie voorbeelden zoekt van organisaties die zich op innovatieve wijze organiseren, denkt misschien niet direct aan de lokale overheid. Maar in de decentralisatie van taken ligt ook voor gemeenten de sleutel in organiseren op basis van ‘de menselijke maat’, zowel intern als in de dienstverlening aan burgers.

We leven in een tijd waarin onze samenleving in hoog tempo verandert. De participatiesamenleving heeft wellicht een politieke klank, maar de trend die er achter schuilgaat is breder. Samenspraak, inspraak, meedenken en meedoen:  onze maatschappij verandert langzaam in een samenleving waarin het niet langer vanzelfsprekend is dat we de producten en diensten van anderen klakkeloos consumeren. Voor gemeenten is dit geen kleine verandering, maar een ware paradigmashift. De omslag van ‘zorgen voor’ naar ‘zorgen dat’ vraagt om een andere rol van de overheid en stelt nieuwe eisen aan de manier van organiseren. Welke kansen biedt ‘anders organiseren’ gemeenten?

Gemeenten in transitie

“We leven niet in een tijdperk van verandering, maar in een verandering van tijdperken.” Herman Verhagen deed deze uitspraak in zijn boek ‘De Duurzaamheidsrevolutie’ en is een rake typering van de tijdgeest. Deze veranderingen zijn onomkeerbaar en vragen om andere aanpakken, kennis en kunde. Denk bijvoorbeeld aan de toenemende digitale dienstverlening door overheden en bedrijven en een afkalvende arbeidsmarkt voor de klassieke kantoorbaan.