Het afremmend proces: De Vicieuze Cirkel

Het Creatief wisselwerkingsproces (rechter tandrad), dat aan de basis ligt van het Cruciale Dialoogmodel, en de Vicieuze Cirkel (linker tandrad) zijn twee elkaar tegenwerkende processen. Wanneer enerzijds het creatief wisselwerkingsproces de bovenhand neemt, leren en veranderen wij met de snelheid van een peuter. Wanneer we anderzijds gevangen zitten in onze Vicieuze Cirkel, remt deze het positief veranderingsproces danig af, met alle gevolgen van dien. Een van de nefaste gevolgen is weerstand tegen verandering; weerstand tegen persoonlijke transformatie ook op gebied van verandering van gedrag.

vicieuze cirkel

(klik op afbeelding voor meer details)

Voorstelling van de Vicieuze Cirkel

De mens heeft van bij de geboorte waarde. Deze intrinsieke waarde werd niet verdiend, ze werd geschonken. Deze aangeboren Intrinsieke Waarde is de kwaliteit die [iemand] waardevol maakt; de kwaliteit binnenin de persoon die waardering of respect afdwingt en is dus verschillend van verworven extrinsieke waarde. Iedereen heeft intrinsieke waarde; edoch, de meeste mensen beleven hun initiële waarde niet (meer) en zijn angstig en soms ook hypocriet geworden. Velen hebben af en toe een van de volgende achtergrondgedachtes: “Als je mij echt zou kennen, zou je niet van mij houden. In de grond ben ik echt niet zo goed. Ik heb karaktertrekken die niet bijster schitterend zijn. Ik doe dingen die eigenlijk niet correct zijn. Ik heb gedachten die ik beter niet zou hebben”. Iedereen is op een of ander vlak in oorlog met zichzelf. Hoe komt dit? Het antwoord op deze vraag ligt besloten in de Vicieuze Cirkel, die in bovenstaand figuur schematisch weergegeven is op het linkse tandrad.

De gegeven intrinsieke waarde houdt niet lang stand want zo wordt nogal snel conditioneel. Je bent waardevol, de moeite waard, indien je stopt met of begint met… Zo moeten kinderen bijvoorbeeld zo snel mogelijk een volwassen gedrag vertonen. Bijvoorbeeld: indien je stopt met je sinaasappelsap omver te stoten, word je weer aanvaard. Het kind zelf is bezig met pure wetenschap. Het heeft gisteren het sinaasappelsap een duw gegeven en toen kwam het op de vloer terecht. Zou het vandaag ook nog zo zijn? Wie bewijst me dat dit vandaag ook nog waar is, vraagt het kind zich af. Zeker wanneer het de avond tevoren – op het scherm van een kastje – mensen in rare pakken bezig zag; zodra die iets loslieten begon dat te zweven! Maar vroeg of laat zijn moeder en/of vader het experimenteren grondig beu en stellen zij hun condities.

Indien niet blijvend aan die condities voldaan wordt, krijgt het kind uiteindelijk een standje. De hamvraag is nu: Kun je een kind op zijn plaats zetten zonder dat het de volgende gewaarwording ervaart: ‘verwerping’? Je wordt vernederd door iemand die je goed kent; hoe voelt dit aan? Inderdaad, dit voelt verschrikkelijk aan. Nu is het zo dat de meeste mensen een kind niet kunnen terechtwijzen zonder tegelijkertijd de boodschap over te brengen: “Je bent niet de moeite waard … omdat je dit deed!” Daardoor wordt het kind met zonde beladen. Overigens komt het begrip zonde uit het Grieks en betekende oorspronkelijk: het doel missen, het niveau niet halen, niet aan de verwachtingen voldoen.

De reactie op verwerping is universeel, je ziet het in elk kind, je vindt het op een of andere manier terug in elke cultuur. Als je een kind verwerpt gebeurt het volgende: eerst een verhoogde ademhaling, gevolgd een schokkende ademhaling en specifieke gelaatsuitdrukkingen en ten slotte een traan. Wat er dan gebeurt, hangt eigenlijk ook van het type kind af. Er start in alle geval een proces dat bij een ‘actief’ kind vechten en bij een ‘passief’ vluchten veroorzaakt. Anders gesteld is het met woede of angst. Dit proces wordt wetenschappelijk het algemeen adaptatiesyndroom genoemd. Het is een wonderbaarlijk chemisch proces dat in het lichaam plaatsgrijpt en ervoor zorgt dat de persoon voorbereid wordt om te vechten of te vluchten. Het bloed en de energie worden dan ook bijna ogenblikkelijk naar de nodige spieren gestuurd. Het is ook het proces dat er mede voor gezorgd heeft dat wij het als specifieke soort gehaald hebben. Bij dit alles komt ook het volgende gevoel: schuld of pijn.

Maar wat zijn de effecten op lange duur van dit steeds wederkerend fenomeen? Bij een kind wordt alles nog spontaan getoond. Maar gaandeweg leert het dat emoties tonen eigenlijk niet mag. Je moet je namelijk leren beheersen! Bij de ene persoon komt vermijdingsgedrag voor, bij de andere assertiviteit. Bij pubers wordt deze energie nog direct verwerkt en zijn er daardoor meestal geen zware blijvende negatieve gevolgen.

Vanaf een bepaald moment wordt men echter gestraft indien men bepaalde emoties toont. Daardoor komen pubers soms in een identiteitscrisis terecht. Het kind wenst zichzelf te zijn en te blijven, maar de wereld om hem heen laat dit niet toe. In die strijd leert het kind iets wat wij allen hebben ervaren: ontoereikendheid. Je kunt als kind nu eenmaal niet tegen een volwassene op. Je krachten, je kennis en kunde zijn daarvoor ontoereikend.

Je komt in de loop van je (nog jonge) leven je ontoereikendheid hoe langer hoe meer tegen en dat leidt uiteindelijk tot wat Charles L. Palmgren het ‘cultuurspel’ noemt. Wij leren het onderscheid te maken tussen goed en kwaad, tussen juist en onjuist, enzovoort. Het cultuurspel heeft een basisregel: Men speelt dit spel op een zodanige manier dat wat onaanvaardbaar is, zowel voor de een als voor de ander, niet getoond wordt. De basisregel van het cultuurspel geldt dus voor beide spelers. Je mag in een wisselwerking met iemand anders noch tonen wat onaanvaardbaar is betreffende jezelf, noch wat onaanvaardbaar is betreffende de ander. We mogen van elkaar dus niet zien en elkaar niet laten zien, wat omtrent onszelf en de ander niet honderd procent is. Want indien we dit wel doen, zou dit een nieuwe verwerping tot gevolg hebben, en dus uiteindelijk ook een nieuwe situatie waarin je ontoereikendheid duidelijk wordt. Wat het spel gecompliceerd maakt is dat allen die in het wisselwerkingsproces betrokken zijn het spelen. Nogmaals de basisregel van het cultuurspel waaraan alle spelers zich houden luidt als volgt: “Bij wisselwerking tussen jezelf en een andere persoon mag niet getoond worden wat onaanvaardbaar is met betrekking tot jezelf en met betrekking tot die ander”.

Wat gebeurt er nu als pubers adolescenten worden? Meestal worden ze verliefd en gaan ze al spelend het cultuurspel gaan verfijnen. Wanneer twee mensen elkaar het hof maken zal de een de ander niet tonen hoe hij werkelijk is en hij zal ook geen dingen doen die voor de ander als onaanvaardbaar zouden kunnen overkomen. Je kunt bijvoorbeeld niet zwaar de draak steken met je lief, tenminste indien je de relatie enige kans wilt geven. De subtiliteit van het spel zit in het volgende: “De een beschermt de ander én zichzelf”. Een reden waarom men dit doet, is dat men door die ander aardig gevonden wil worden. Zo worden beiden wederzijds beschermd en afgeschermd.

In de loop van het proces leren wij daardoor ‘beelden’, ‘spelletjes’ en ‘rollen’. In het voorbeeld van het jonge paar is het zo dat de man een beeld heeft van wat een echte man is en een beeld heeft van wat een echte vrouw zou dienen te zijn. Door het cultuurspel zijn die beelden zo gevormd. Maar ook bij de vrouw heeft zich een beeld gevormd van wat een echte vrouw behoort te zijn en hoe een echte man eruit zou moeten zien. Wanneer ze elkaar ontmoeten, ontmoeten ook de beelden elkaar. Die beelden worden via scenario’s omgezet in rollen. De man en de vrouw trachten beiden te voldoen aan het script dat zij voor ogen hebben Ze trachten zo goed mogelijk hun rol te spelen en proberen daarbij aan het ideale beeld te voldoen. Indien zij elkaar leuk vinden, wordt het cultuurspel verder gespeeld tot het huwelijk (of een andere samenlevingsvorm) toe. Hetzelfde geldt uiteraard voor paren van hetzelfde geslacht. Op dat moment komen er nog een paar beelden en corresponderende rollen bij: die van de ideale echtgenoot en de ideale echtgenote. Elk van beide partners heeft nu reeds vier rollen in het hoofd. Het spel wordt dus hoe langer hoe ingewikkelder, want we hebben het nog niet gehad over de ideale schoonzoon en ideale schoondochter, maar laten wij deze rollen eventjes buiten beschouwing laten, er liggen namelijk belangrijker rollen in het verschiet. Inderdaad, indien wij het willen, wordt het leven (rollenspel) nog mooier. De geboorte van een kind voegt nieuwe beelden en rollen aan ons spel toe: die van de ideale vader en de ideale moeder. Dus de man heeft nu dus minstens zes rollen in zijn hoofd, maar dat geldt ook voor de vrouw. En dan hebben we het nog niet eens gehad over de rollen op de werkplek. Ook daar spelen wij gedurende de diverse wisselwerkingen verschillende rollen. De man heeft constant interacties met zijn baas, zijn collega’s, zijn medewerkers en in de meeste gevallen heeft ook zijn echtgenote gelijkaardige rollen te spelen. Daardoor wordt het hoe langer hoe moeilijker het spel zo te spelen dat wat onaanvaardbaar is met betrekking tot jezelf en de ander, niet wordt getoond. De druk wordt dus hoger.

Uiteindelijk geeft dit alles aanleiding tot een bundel eisen en verwachtingen. Die vormen in feite onze ‘negenpunten’ (zie verder: ‘de negenpunten’ of ‘thinking out of the box’ metafoor), ons referentiekader of mentaal model. Vanuit het persoonlijk referentiekader werkt ieder van ons met anderen samen. Die zitten ook min of meer in hun referentiekader gevangen. In die wisselwerking wordt de bundel eisen en verwachtingen continu aangedikt. Omdat we echter niet steeds aan alle eisen en verwachtingen van dit groeiend pakket kunnen voldoen, leidt dit uiteindelijk tot frustratie.

Indien deze frustratie gedurende een zekere tijd aanhoudt, en zelfs groeit, zal deze aanleiding geven tot – naargelang de ingesteldheid, het type (actief/passief) – verschillende soorten nare, echt schadelijke, gevolgen.

Aan de angst/pijn (passieve) zijde geeft dit aanleiding tot psychische angst. De vecht/woede (actieve) zijde geeft aanleiding tot vijandigheid. Eén en ander geeft respectievelijk aanleiding tot schaamte en verwijten. Dit alles mondt dan uiteindelijk uit in een immens leed of een enorme stress. Alles wordt zo lang mogelijk binnen gehouden en uiteindelijk is dit niet houdbaar en worden er symptomen ontwikkeld. We zijn geen kinderen meer en kunnen dus een en ander niet meer fysiek afreageren. De frustraties en spanningen moeten ergens hun uitlaatklep vinden. Een oplossing is die zo lang mogelijk binnen te houden. Maar dan krijgt het lichaam het te verduren. Maagzweren, hoge bloeddruk en meer van dat fraais zijn nu niet zo veraf meer. “Ik heb er de buik vol van”, “Het zit mij tot hier” zijn typische uitdrukkingen van deze fase. Echte lichaamstaal wordt gebruikt. “Ik heb er het hart niet meer voor.” “Ik zie het niet meer zitten.” “Het komt mij de strot uit”. Allerhande ziekten en irritaties komen aan de oppervlakte. Is het verwonderlijk dat geestelijke irritaties tot lichamelijke irritaties leiden? In sommige gevallen vormt alcohol de ‘remedie’, in andere gevallen overdadig gebruik van medicatie. Nog erger, indien de symptomen overslaan op de geest, dan komen we in onze eigen allergie (conform de Kernkwaliteiten theorie van Daniel Ofman) terecht. Uiteindelijk worden wij slachtoffer van een ‘burn out’ of, nog erger, een zware depressie.

Wanneer het zover komt dat de symptomen hoe langer hoe duidelijker worden, dan heeft men iemand anders niet (meer) nodig om verworpen te worden, dan verwerpt men zichzelf. De tol is zwaar: de psychische angst wordt in zware stress gevallen existentiële angst. Deze stress situatie kan in uiterste gevallen aanleiding geven tot de totale verwerping: zelfdoding.

De cirkel in werking, een struikelblok voor Creatieve wisselwerking

Wanneer je jezelf verwerpt, dan voel je je niet adequaat. Als reactie zul je harder aan jezelf sleutelen en proberen om toch maar met jezelf in het reine te komen. Hoe harder je probeert, hoe meer eisen je aan jezelf stelt, hoe meer verwachtingen je koestert. Hoe groter de eisen en de verwachtingen (ook van anderen), hoe groter de kans dat er (soms) niet aan voldaan wordt met frustraties als gevolg. Hoe groter de frustraties, hoe meer angst en schuldgevoelens, stress en uiteindelijk meer symptomen. Hoe meer symptomen, hoe meer je jezelf verwerpt en … de vicieuze cirkel wordt een vernietigende werkelijkheid.

De Vicieuze Cirkel is ook de oorzaak van het niet echt meer leren; de oorzaak van zowel individuele als collectieve leerstoornissen. Dit komt omdat de Vicieuze Cirkel ervoor zorgt dat mensen de eigenschappen die voor het leren onontbeerlijk zijn – en die uiteraard eigenschappen zijn van het creatief wisselwerkingsproces – in de loop der jaren min of meer ‘afleren’.

Wanneer echter het creatief wisselwerkingsproces werkelijk in mij leeft, verbetert mijn perceptie. Ik zie als het ware opnieuw mijn Intrinsieke Waarde. Ik kan de druk van het groeiend set ‘eisen en verwachtingen’ wel aan, want ik inviteer die binnen mijn mentaal model. Ik sta er, door de ‘creatieve wisselwerking’ met anderen, niet meer alleen voor. Vandaar dat de druk nu van binnen naar buiten werkt, waardoor de wand uitzet en daardoor doorschijnender wordt. Onze perceptie vergroot, wij zien gemakkelijker zaken die zich buiten ons denkkader bevinden. Wij kunnen als het ware gemakkelijker ons denkkader, ons mentaal model treden!

2 thoughts on “Het afremmend proces: De Vicieuze Cirkel”

Smallie 4 jaar ago

Whooo, indrukwekkend en aangrijpend artikel met veel ‘food for thought”……

Johan Roels 4 jaar ago

@ Smallie

Inderdaad veel ‘food for thought’… Deze Column is gebaseerd op het derde hoofdstuk van m’n boek ‘Cruciale dialogen’. Je kan dit hoofdstuk vinden en downloaden op slideshare.net : http://www.slideshare.net/johanroels33/de-vicieuze-cirkel-hoodstuk-3-cruciale-dialogen

En pas eens de ‘Vicieuze Cirkel’ toe op je eigen verhaal, dan nog krijg je nog meer ‘food for thought’, wedden ?I?

Creatively,
Johan Roels

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *